Op de Faeröer kun je in een uur vier seizoenen meemaken. Zon, mist, een striemende bui en weer zon, terwijl je nog op dezelfde heuvel staat. Dat maakt de eilanden adembenemend om te bewandelen en onverbiddelijk voor wie verkeerd inpakt. Je rugzak is hier geen accessoire maar je belangrijkste stuk uitrusting.
Een archipel op mensenmaat
De Faeröer bestaan uit 18 vulkanische eilanden, waarvan er 17 bewoond zijn, en volgens Visit Faroe Islands ben je er nergens verder dan vijf kilometer van de zee. Het hoogste punt, de Slættaratindur, reikt tot 880 meter. Dat klinkt bescheiden, tot je beseft dat het weer op die hoogte in minuten omslaat. De afstanden zijn klein, de omstandigheden niet.
Kleed je op alle weer, niet op de voorspelling
De gemiddelde temperatuur schommelt tussen de 3 en 11 graden, zomer en winter bij elkaar genomen. Dat betekent werken in lagen. Een waterdichte buitenlaag is geen overdaad maar de basis, met daaronder iets warms dat je makkelijk uittrekt als de zon het toch even wint. Het officiële toerismebureau raadt niet voor niets warme, regenbestendige kleding aan voor wie de paden op gaat.
De wind is daarbij een factor op zich. Op de kliffen staat hij vaak hard genoeg om je uit balans te brengen, en gewone regen valt er soms horizontaal. Een capuchon die echt sluit en handschoenen die je in juni niet verwacht nodig te hebben, maken het verschil tussen een wandeling die je je herinnert om het uitzicht en een die je je herinnert om de kou.
De rugzak die het verschil maakt
Een dagtocht op de Faeröer vraagt om een rugzak die droog blijft, lekker zit en genoeg ruimte heeft voor je lagen, je lunch en een fles water. Een tas die op je rug schuift of bij de eerste bui doorweekt raakt, verpest een wandeling sneller dan het weer dat doet. De rugzakken van Travelbags bieden modellen die op dit soort buitencondities zijn berekend. Kies er een die op je rug blijft zitten als je over een kam met zijwind loopt, want die ga je tegenkomen.
Let bij de keuze op een goede heupband en verstelbare schouderbanden, want die nemen het gewicht van je schouders. Een regenhoes of waterafstotend materiaal houdt je extra kleding en je telefoon droog. En een maat die niet groter is dan je voor een dag nodig hebt, voorkomt dat je hem volstopt met spullen die je toch niet gebruikt.
Vergeet naast de kleding ook de kleine dingen niet die een dag buiten dragelijk maken. Een thermosfles met iets warms, een snack voor onderweg, en een drybag of plastic zakje voor je telefoon als de mist optrekt. Op de meeste paden kom je geen winkel of kraampje tegen, dus wat je nodig hebt, draag je zelf mee. Een rugzak die net iets te krap zit, dwingt je hier tot vervelende keuzes.
Op de Faeröer pak je niet voor het weer dat voorspeld is, maar voor het weer dat binnen het uur kan komen.
Eerst kijken, dan klimmen
Voor je je route kiest, loont het om te weten wat er te doen is en welke wandelingen de moeite waard zijn. Het overzicht wat te doen op de Faeröer noemt onder meer de beklimming van de Slættaratindur en waarschuwt meteen voor het wisselvallige weer. Met dat in je achterhoofd plan je een route die past bij de dag en je conditie.
De Faeröer zijn geen bestemming die je overrompelt met faciliteiten. Ze geven je ruwe natuur en vragen in ruil dat je voorbereid bent. Pak je rugzak alsof het kan gaan regenen, want dat gaat het, en je houdt een van de mooiste wandelgebieden van Europa over.